vrijdag 17 april 2015

De man die niet genas...


Daarna was er een feest der Joden en Jezus ging op naar Jeruzalem. Nu is er te Jeruzalem bij de Schaapspoort een bad, dat in het Hebreeuws de bijnaam Betesda draagt, met vijf zuilengangen. Daarin lag een menigte zieken, blinden, verlamden en verschrompelden, die wachtten op de beweging van het water. Want van tijd tot tijd daalde een engel des Heren neder in het bad; dan bewoog het water; wie er dan het eerst in kwam na de beweging van het water, werd gezond, wat voor ziekte hij ook had. En daar was een man, die reeds achtendertig jaar lang ziek geweest was. Hem zag Jezus liggen en daar Hij wist, dat hij daar reeds lange tijd was, zeide Hij tot hem: Wilt gij gezond worden? De zieke antwoordde Hem: Here, ik heb geen mens om mij, zodra er beweging komt in het water, in het bad te werpen; en terwijl ik onderweg ben, daalt een ander vóór mij af. Jezus zeide tot hem: Sta op, neem uw matras op en wandel. En terstond werd de man gezond en nam zijn matras op en ging zijns weegs. (Uit Johannes 5)
Sabbat... voor hem een dag als alle anderen. Leunend tegen de ruwe stam van de boom achter hem sloot hij even zijn ogen. Hoeveel jaren waren er al voorbij gegaan? Hoe lang zat hij hier al? Hij herinnerde zich hoe hij als kind altijd al pijn had gehad. Als de andere kinderen speelden, hutten bouwden of wedstrijdjes deden haakte hij als eerste af. Langzaam maar zeker was de pijn erger geworden en toen was de dag gekomen dat zijn benen hem niet meer wilde dragen. De bezorgde blikken in de ogen van zijn moeder zou hij nooit meer vergeten. Er was iets ernstigs met hem aan de hand. Ze hadden artsen bezocht en hij had geneeskrachtige kruiden gebruikt. Niets had geholpen. De pijn bleef en naarmate de tijd vorderde lieten steeds meer delen van zijn lichaam  het afweten. Lopen kon hij al lang niet meer.
Zijn laatste hoop was het water dat vlak voor hem was. Niemand wist precies hoe het zat, maar steeds weer als je het niet verwachtte kwam een gedaante uit de hemel die het water aanraakte. Dan begon de grote wedstrijd, want wie het eerst met het water in contact kwam, werd genezen!
Het maakte niet uit wat je mankeerde. Of je blind was, doof, slecht ter been of verlamd, je een huidziekte had of vergroeid was... het water genas je!

De man deed zijn ogen open en richtte zijn blik weer op het water. Hij wilde het moment niet missen, wat al zo vaak gebeurd was omdat hij door de warmte van de zon en de pijn in zijn lichaam in slaap was gevallen.

Een eindje verderop staat een groepje mensen om een andere man heen. Hij kent hem wel. Misschien ligt hij nog wel langer dan hemzelf te wachten op een wonder. Het is kansloos, want waar hij zichzelf nog met hulp van stokken voort kan bewegen, is die man volledig verlamd.
Maar... ziet hij echt wat hij denkt te zien... of is hij bezig zijn verstand te verliezen? Hij gaat rechtop zitten en kijkt zo scherp als hij kan. Wat gebeurt daar? Vol ongeloof en verbazing ziet hij de man, die daar al zolang hij het zich kan herinneren gelegen heeft, opstaan! Zonder hulp, zonder horten en stoten. Hij bukt zich nog een keer, rolt zijn matras op en neemt hem mee onder zijn arm. Dan loopt hij weg. Ook het groepje mensen dat om hem heen stond vertrekt...
Verbouwereerd zakt hij terug tegen de boom. Het duizelt hem. Hoe is dat mogelijk? En waarom hij? Het water is toch niet in beweging geweest? Hoe kan hij genezen zijn? Wie waren die mensen om hem heen? Konden ze ook niet even langs hem komen? Hij tuurt langs het water of hij nog een glimp van het groepje kan opvangen, maar ze zijn verdwenen in de menigte.

De jaren verstrijken. De verlamde man die zo wonderlijk genezen is heeft hij nooit meer terug gezien. Wel heeft hij geruchten gehoord van voorbijgangers over Jezus die de meest wonderlijke dingen deed. Het schijnt dat hij zelfs een dode vriend van Hem weer tot leven heeft geroepen. Hij heeft dag in dag uit gekeken of hij die Jezus weer voorbij zag komen, maar hij heeft Hem niet meer gezien, of misschien wel niet herkend. Het water heeft nog vele malen bewogen maar hij was nooit de eerste. Hij voelt dat zijn krachten minder worden. Het zal niet lang meer duren. Dan zal hij sterven en zal zijn lijden hier voorbij zijn...

Strek je uit naar het wonder! Je bent al genezen in Jezus! Je moet in je genezing gaan staan! Geloof en je wordt genezen! Bid met gezag, bestraf de ziekte en ga op je benen staan! Heb je soms onbeleden zonden in je leven dat je maar ziek blijft? Bid je wel voor je genezing? Kreten die menig zieke om zijn oren heeft gekregen. In de evangelische kringen zijn we er over het algemeen erg goed in. Tenminste, zolang het onszelf niet betreft. Maar hebben we door wat we er een ander mee aandoen? Hebben we een idee wat onze woorden die we wellicht ook nog ondersteunen met allerlei teksten uit de bijbel, aanrichten? Wat een druk en schuldgevoel dat op een zieke legt? 
Jezus genas. Jezus geneest. Jezus zal genezen. Dat is een waarheid die ik erken. Maar er is ook een andere kant van de medaille. We leven in een gebroken wereld. Een wereld die zucht en steunt door de gevolgen van de zonden en de keuzes die wij maken. Een wereld waarin ziekte is, pijn, gebrokenheid, lijden, vervolging, oorlog, misbruik, honger, onrechtvaardigheid. Dat is de realiteit waarin we leven. God weet het! God kan er iets aan doen, Hij heeft alle macht. Alles is mogelijk. En... Hij doet het ook. Wonderen gebeuren. Maar... niet als vanzelfsprekend, of omdat wij zo goed bidden of zoveel gezag uitoefenen. Niet als methode. Lang niet altijd op onze manier of op onze tijd. En waar wij ons richten op het zichtbare, op genezing, op spectaculaire wonderen, ziet Gods wonder  voor iemand er misschien wel heel anders uit... Is een wonder van kracht om door een moeilijke tijd heen te gaan of om ondanks een ernstige ziekte blijdschap en vrede te ervaren misschien wel een veel groter wonder?!
Wij denken God te kennen, te begrijpen waarom Hij doet zoals Hij doet, worden boos of teleurgesteld als wij het niet op onze manier zien gebeuren en gebruiken God als een soort Sinterklaas. We zetten onze schoen met ons verlanglijstje, zingen een paar mooie liedjes voor Hem en kijken vol verwachting uit naar wat er voor cadeautje tevoorschijn zal komen. We zeggen "dank U wel" als het naar onze zin is, maar o wee als er in onze schoen een bittere chocoladeletter zit in plaats van die lekkere zoete met hazelnoten... 

Laten we stoppen om God de weg voor te schrijven! Laten we anderen die met ziekte en lijden te maken hebben tot steun zijn in plaats van hen te bekogelen met stenen. Mag God God zijn? Ook als het anders gaat dan jij voor ogen had? Durf te vertrouwen en te rusten in zijn oneindige liefde voor jou. Hij kent jou, Hij weet wat het beste voor je is! Ook als je ziek bent of door het leven bent gekwetst. Hij wil een wonder doen: Hij geeft vreugde en vrede. Hij geeft bloei!
Want Mijn gedachten zijn niet uw gedachten en uw wegen zijn niet Mijn wegen, luidt het woord des Heren. Want zoals de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan uw wegen en Mijn gedachten dan uw gedachten....
Want in vreugde zult gij uittrekken en in vrede geleid worden... Voor een doornstruik zal een cypres opschieten, voor een distel zal een mirt opschieten, en het zal de Here zijn tot een naam, tot een eeuwig teken, dat niet uitgeroeid zal worden... (uit Jesaja 55)


Geen opmerkingen:

Een reactie posten