donderdag 19 oktober 2017

Een dag om te vieren!

Eindelijk


Vandaag is het zover. Na een paar intensieve weken van kennismaken mogen we vandaag onze nieuwe gezinshuislid verwelkomen: Alicja. Een prachtig Pools meisje van 9 jaar. Alles is er klaar voor. Haar kamer is af en al een klein beetje ingericht met spulletjes die ze heeft meegenomen tijdens het kennismaken. De kledingkast is leeg en schoon. Op tafel ligt een ingepakt cadeau. Het afscheidscadeau met foto van zichzelf dat Alicja gemaakt heeft voor de groep die ze achterlaat.

De Hobbits


Alicja heeft de afgelopen twaalf maanden op de Hobbits gewoond. De Hobbits is een behandelgroep van Yulius in Barendrecht waar kinderen met ernstige hechtingsproblematiek een jaar mogen wonen. Mike, die inmiddels al weer ruim vijf jaar bij ons woont, heeft ook op de Hobbits gewoond en dus weten we al een beetje hoe het er daar aan toe gaat.

De Hobbits is niet zomaar een groep. Wij hebben de Hobbits zes jaar geleden leren kennen toen één van onze gezinshuiskinderen daar vandaan kwam. We waren onder de indruk van de groepsleiding en de manier waarop er met de kinderen om werd gegaan. En ook al is er veel veranderd, mogen kinderen nog maar twaalf maanden op de Hobbits zijn (Mike heeft er ruim drie jaar gewoond), en is er ook in de GGZ aan alle kanten bezuinigd, de sfeer en behandeling hebben er niet onder geleden. De warme betrokkenheid van de begeleiders is bijzonder.

Weer ben ik onder de indruk van de zorgvuldigheid van het hele traject waarmee Alicja bij ons terecht komt. Op de dag dat haar verteld werd dat er een nieuw plekje voor haar gevonden was, was er een uitgeprint welkomstboekje met foto’s van ons en de katten zodat ze vast kon wennen aan onze gezichten. Een paar dagen later mochten wij op de groep komen kennismaken. Weer een paar dagen later kwam Alicja, samen met een sociotherapeut, zoals de groepsleiding daar heet, bij ons thuis. En daarna nog een keer, om een paar uurtjes alleen bij ons te zijn. Toen nog een keer een nachtje logeren en al die momenten hingen op een overzichtelijk lijstje op Alicja’s kamer.

Een leeg kamertje


Vandaag stappen we om kwart over acht in de auto. Twee auto’s, want er moet straks een extra kind mee terug en een heleboel spullen. We rijden naar Barendrecht en zijn mooi op tijd. We bellen aan bij de voor ons inmiddels vertrouwde groep: De Hobbits. Voor Mike is het een weerzien met een aantal oude bekenden, want sommigen die destijds al groepsleidsters waren, werken er nu nog. In de gang is de ‘wall of fame’ waar allemaal foto’s hangen van kinderen die op de Hobbits hebben gewoond. Mike hangt er ook tussen, en Romano, een andere jongen die een tijd bij ons gewoond heeft. En straks komt Alicja er ook te hangen.

In de grote woonkamer zitten acht kinderen in alle rust te ontbijten. Het is vakantie dus lekker makkelijk, met het ontbijt op de bank. Alicja heeft een feestelijke jurk aan, is blij om ons te zien, maar vindt het ook zichtbaar spannend. Als de kinderen hun ontbijt op hebben gaan ze op hun kamers tanden poetsen. Ik loop even mee met Alicja om de laatste spullen van haar kamer te halen. Tjonge, wat is het kamertje leeg nu! Het bord met alle kaarten is leeg, het prikbord is leeg. Alicja heeft de kleurige punaises en de magneetjes in een hartjesvorm op de borden bevestigd. ‘Wat leuk’, zeg ik. ‘Dat is voor het volgende kind dat hier komt wonen, een warm welkom.’ zegt Alicja. We kletsen wat, Alicja poetst haar tanden en dan trekken we de deur achter ons dicht. We gaan naar beneden.

Afscheid met tradities


Er druppelen wat sociotherapeuten binnen die bij het afscheid zijn, de psycholoog, de gedragswetenschapper, de ouderbegeleider, allemaal mensen die de afgelopen twaalf maanden zo betrokken zijn geweest bij het leventje van Alicja. We krijgen koffie en limonade en dan worden de andere kinderen van de groep ook naar beneden geroepen. We zitten in een grote kring. Ik zit naast Alicja. Als iedereen drinken heeft heffen we het glas op Alicja. ‘Proost! Op een fijn nieuw plekje!’ Alicja loopt de kring rond en proost met iedereen. Dan zijn er heerlijke donuts en terwijl we allemaal genieten van het eten en drinken leest één van de sociotherapeuten haar afscheidsverhaal aan Alicja voor.

Alle ‘grote mensen’ zoals de therapeuten zichzelf noemen hebben voor Alicja iets opgeschreven. Herinneringen, leuke momenten, moeilijke momenten, bemoedigingen en heel veel lieve woorden. Ik luister naar het verhaal van sociotherapeut Bianca. Alicja zit ook ademloos te luisteren. Wat mooi verwoord hoe de afgelopen maanden zijn geweest. Wat ontroerend om te horen hoe deze mensen van Alicja zijn gaan houden en hoe ze haar gaan missen, ook al zijn ze tegelijk zo blij voor haar dat er een plekje gevonden is waar ze mag opgroeien.

Naast de ouderbegeleider zit een meisje zachtjes te huilen. Ik vraag me af wat er in haar omgaat. Hoe lang zou zij al op de Hobbits zijn? Zou ze denken aan wat haar volgende plekje zal worden?

Als Bianca klaar is met het voorlezen van haar stuk, is het tijd voor cadeautjes. Eerst krijgt Alicja cadeautjes: Een boek met van alle grote mensen een bijdrage, en een boek met van alle kinderen een bijdrage. Dan een fotoboekje met herinneringen aan de afgelopen twaalf maanden. En dan, heel traditioneel, de plant. Een groepsgenootje overhandigt een plant aan Alicja met de woorden: ‘Voor deze plant moet je net zo goed zorgen als de grote mensen hier voor jou gezorgd hebben. Maar als hij doodgaat dan is het niet erg, want dan betekent het dat je helemaal gewend bent op je nieuwe plek en ons een beetje vergeten bent.’ Ik grinnik want met mijn absoluut niet groene vingers is iedere plant in mijn huis ten dode opgeschreven met uitzondering van de kunstplanten van Ikea.

Dan nog een cadeautje. Voor ons als nieuwe verzorgers van Alicja. Voor de derde keer krijgen we het boek ‘Welterusten kleine beer’. Het liefdevolle, warme boek waarin de zorg die de sociotherapeuten hier aan de kinderen geven verwoord wordt door de zorg die mama beer aan haar kleine beer geeft. Die zorg wordt nu overgedragen aan ons. Ik zal het boek voorlezen aan Alicja en daarna komt het naast de twee andere boeken te staan.

Tijd voor cadeautjes voor de kinderen! Alicja heeft voor alle kinderen een cadeautje gekocht. Creatief als ze is heeft ze ook een creatief cadeautje: voor ieder kind een doosje klei met vormpjes. Als iedereen heeft worden de pakjes uitgepakt en enthousiast ontvangen. ‘Mag ik het meenemen naar mijn kamer???’ ‘Is het klei dat hard wordt?’

Alicja overhandigd haar afscheidscadeau aan Bianca. Het prachtige zelfgemaakte schilderij met haar foto erop geplakt en een zelfgemaakt gedicht, voor aan de wall of fame. Bianca leest het gedicht voor en iedereen luistert mee. En dan is het officiële gedeelte voorbij. Iedereen mag zijn schoenen aantrekken en allemaal helpen de kinderen om de spullen van Alicja naar de auto te brengen. Nu is het echt tijd om gedag te zeggen. In twee rijen staan de kinderen en de grote mensen langs het pad. Alicja gaat ze allemaal langs. Een hand of een dikke knuffel. Ik moet even slikken. Dat gevoel dat je iemand van een vertrouwde plek weghaalt blijft toch dubbel.

Uitzwaaien


We stappen in de auto. Jan Willem en Mike met de spullen in de ene auto. Damian, Alicja en ik in onze eigen auto. Iedereen staat aan de kant van de weg. Ik rijd de straat uit om de auto te keren en dan rijden we langzaam terug. De straat door, langs de woongroep, raampjes open, zwaaien en toeteren. De kinderen van de groep rennen mee met de auto zo hard als ze kunnen en zwaaien zo hard mogelijk. We rijden toeterend de straat uit en de Hobbits verdwijnt uit zicht. Van achter uit de auto klinkt een diepe zucht: ‘Nu kom ik echt bij jullie wonen’.

Welkom lieve Alicja, vandaag vieren we jouw afscheid én jouw nieuwe start.
Als we thuis komen is de pakjespost geweest. Die heeft de Poolse vlag gebracht. Vol trots hijst Alicja haar vlag. Vandaag is een dag om te vieren. En dan mag de vlag uit!



maandag 16 oktober 2017

Zelfcompassie


‘Wees jezelf, er zijn al genoeg anderen’ Een tegeltje in ons toilet en jarenlang de uitspraak die achterop mijn visitekaartje stond. Maar, wat betekent dat eigenlijk, jezelf zijn? Weet je wel wie je bent? En, mag je jezelf wel zijn als dat inhoudt dat je een ander teleur stelt? Is het niet beter om voor de lieve vrede soms een betere (ook al is het een surrogaat) versie van jezelf te laten zien?

Afgelopen weekend bezocht ik een kloosterweekend. Een weekend van vaart minderen, stil worden en thuiskomen bij God én mezelf. Heel bewust had ik gekozen om er alleen naar toe te gaan. Ik kende een paar mensen van gezicht, maar verder niet. Even geen verwachtingen van anderen, geen mensen voor wie ik iets moet betekenen of voor wie ik wil zorgen.

Omarm jezelf


In de zaal waar onze gezamenlijke activiteiten plaatsvinden staat een tafel met wat boeken. Sommige ken ik van naam of heb ik gelezen. Andere boeken spreken me niet aan of blader ik snel even door. Dan valt mijn oog op een klein boekje: ‘Omarm jezelf, de weg naar zelfcompassie’ (Gijs Jansen). Gedurende het weekend lees ik het boek uit. Er staat veel in om over na te denken en het sluit aan bij het thema waar ik de afgelopen tijd mee bezig ben: Grenzen stellen, van mezelf houden net zoveel als ik van die ander houdt, nee zeggen, ruimte innemen.

Op zaterdagmiddag doen we een beeldmeditatie bij het prachtige schilderij van de barmhartige vader, of ook wel de verloren zoon genoemd. Terwijl Lenie op de achtergrond vertelt over het schilderij en over Henri Nouwen die er jaren over gemediteerd heeft, laat ik het beeld opnieuw op me inwerken. Vorig jaar heb ik deze meditatie ook gedaan. Maar ach, zo denk ik, als Henri Nouwen er een paar jaar naar heeft gekeken en over nagedacht heeft, kan ik er best twee keer een half uur naar kijken.

Handen en voeten



Er treffen mij een paar dingen in het schilderij. Gek genoeg zijn dat weer andere dingen dan vorig jaar. Als eerste valt mijn oog op de handen van de Vader die op de rug van zijn zoon liggen. Zijn zoon, thuisgekomen nadat hij zijn deel van de erfenis heeft uitgegeven aan feesten en partijen. De handen van de Vader troosten hem, koesteren hem, hij omarmt zijn zoon en kalmeert hem. Misschien heeft hij wel over zijn rug gewreven.

Als ik mijn ogen verder over het schilderij laat gaan word ik geraakt door de voeten van de verloren zijn. Zijn schoenen zijn zo goed als stukgelopen. Stukgelopen door zichzelf... omdat hij zelf zo goed wist wat hij wilde met zijn leven. Hij ging zijn eigen verlangen achterna en was ervan overtuigd dat hij het zou gaan maken. Als je geld hebt, heb je alles. Zo was hij op pad gegaan. Hij had er ruimschoots van geleefd en plezier mee gemaakt. Hij heeft vast veel vrienden gehad die allemaal wel wat van hem wilden. Ze profiteerden van hem. Tot het geld op was en hij niemand meer over hield. Hij kwam terecht in een varkensstal en was zelfs jaloers op het voer van de beesten. Dan komt hij tot zichzelf en krijgt berouw. Hij keert vol berouw terug naar huis. Naar huis, waar vader al op de uitkijk staat...

De vader wil de woorden van berouw niet eens horen. Hij heeft geen behoefte om hem te straffen, hij wil slechts vieren dat zijn zoon weer thuis is! En als zijn zoon voor hem neerknielt legt hij zijn handen op zijn rug. Kom maar kind, je bent welkom.

Zelfcompassie


Ik denk na over het schilderij, en over mezelf. Ergens durf ik misschien nog wel te geloven dat God mij ziet en aanvaardt en liefheeft zoals ik ben (ook al heb ik zwakke momenten, maak ik fouten en is zitten er best wat scherpe kantjes aan mijn karakter). Maar kan ik zo ook naar mezelf kijken? Zo mild, met ogen vol genade? In het boekje ‘omarm jezelf’ staat: ‘De strengste baas die we ooit zullen hebben zit in ons hoofd’. Ik herken het. Die innerlijke kritische, veroordelende stem die altijd om de hoek komt om mij af te straffen. Het tegenovergestelde van zelfcompassie. Herken jij dat? Dat je dingen denkt zoals:

  • Dat gaat mij nooit lukken!
  • Stommeling, waarom zeg ik dat nou ook?
  • Ik ben niet goed, leuk, aardig, vriendelijk genoeg.
  • Waarom heb ik niet beter mijn best gedaan?
  • Ik schiet tekort.
  • Ik had veel meer moeten doen.
  • Ze zien me aankomen...
  • Niemand zit op mij te wachten.
  • Ik ben lelijk.
  • Ik ben niet geestelijk genoeg.

Schuldgevoel


Het resultaat van een stevige innerlijke kritische stem is schuldgevoel. En je gaat nog beter je best doen om je beter voor te doen (ofwel: om je anders voor te doen dan je bent). Het gevolg daarvan is dat je gegarandeerd weer ergens faalt en je je nog schuldiger voelt. We hebben een strenge verwachting van onszelf waar we nooit aan gaan voldoen. We gaan gebukt onder onze eigen gemaakte hoge lat. We bedenken wat anderen van ons verwachten en proberen daar aan te voldoen. Je hebt geen last van wie je bent, maar van wie je van jezelf moet zijn.

Een tijdje terug las ik een verhaaltje:
‘Een boer gaat elke maand met zijn ezeltje naar de markt in de grote stad. Op een dag vraagt zijn zoon van tien of hij mee mag. De boer stemt toe, met enige twijfel, want het is best ver lopen. Hij pakt zijn ezel vol graan en gaat op weg. Eenmaal onderweg komt hij een vreemde tegen die hem aanspreekt: ‘Laat jij je zoon de lange weg naar de markt te voet afleggen? Waar heb jij een ezel voor?’ De boer trekt zich de kritiek aan en zet zijn zoon op de ezel. Een tijdje later komt er een vrouw op hen afgestormd: ‘Jij dierenbeul! Zo’n gewicht kan die ezel toch nooit dragen!’ De boer haalt zijn zoon van de ezel, zet hem op zijn schouders en vervolgt zijn weg. Als ze vlakbij de stad zijn komen ze een collega-boer tegen. Die zegt: ‘Hoe wil jij dat je zoon je voetsporen volgt? Als je hem zo verwent, leert hij nooit op eigen benen te staan.’ Nu is de boer boos. Hij zet zijn zoon weer naast hem op het pad en denkt: wat ben ik toch dom als ik denk iedereen tevreden te kunnen stellen.’

Vijand


Als je veel last hebt van die kritische innerlijke stem (waar ik niet je geweten mee bedoel overigens), dan kom je weinig aan zelfcompassie toe. Eigenlijk ben je een vijand van jezelf. Je slaat en straft jezelf steeds weer.

Nu is er een hele mooie manier om te voorkomen dat de vijand je slaat... Omarm hem! Als je je vijand omarmt kan hij je niet slaan!

Dat is het begin van zelfcompassie. Dat je jezelf omarmt met alles wat je doet en bent. De mooie en minder mooie kanten. De prachtige eigenschappen en alles wat je niet kunt uitstaan van jezelf. De mooie delen van je lichaam, maar ook die delen die je verfoeit.

Het is zoals het is. Het hoort er allemaal bij. In plaats van de te hoge irreële verwachtingen, de realiteit onder ogen zien. Het begint met een keuze. Een keus om te accepteren dat we niet perfect zijn in alle opzichten. Dat we goede en mindere kanten hebben. Dat we niet altijd en voor iedereen kunnen klaarstaan. Dat we grenzen hebben en beperkingen. Ofwel, maak een begin met jezelf te zijn, en niet de opgepoetste versie van jezelf.

Arrogant?

Ja, maar is het niet arrogant om zo naar jezelf te kijken en over jezelf te praten? Arrogantie is iets heel anders. Dan zet je jezelf boven die ander en vind je jezelf beter. Als jij met meer zelfcompassie met jezelf omgaat, zal dat ook compassie voor anderen bewerken. Want als jij jezelf kunt zien met fouten en gebreken, kun je die van een ander ook een stuk makkelijker accepteren.

Heb je naaste lief... als jezelf...

Omarm jezelf zoals God jou omarmt. Zoals de vader zijn thuisgekomen zoon omarmde. Je hoeft je niet te verantwoorden, je mag thuiskomen. Bij God en bij jezelf.


Wil je ook een kloosterweekend bijwonen? In het voorjaar van 2018 is er weer één. Kijk voor meer informatie op www.aandachtigleven.nu/weekenden
Het boek waar ik over schrijf is: 'Omarm jezelf' (Gijs Jansen). Het is een praktisch boek met opdrachten waardoor je zelf met het thema aan de slag kan.

woensdag 11 oktober 2017

Automutilatie van de ziel

Lunch

Eindelijk weer eens lunchen en bijpraten met m'n vriendin Anja vanmiddag. Het is veel te lang geleden, we hebben het allebei te druk gehad met andere dingen en onze vriendschap zwaar verwaarloosd. Ik hoef nog net de tom tom niet aan te zetten met het adres en zij vroeg laatst gekscherend om een recente foto.

In het kader van 'voor alles is een tijd' is het vanmiddag in ieder geval tijd voor vriendschap. En onder het genot van muntthee, een overheerlijke lunch en nog een kop koffie toe gaan we het er eens goed over hebben.Waarover? Over alles. Onze gezinnen, verbouwingen, persoonlijke welletjes en weetjes, de buurt, de kerk, het leven, hobby's, studie en nog net niet over het hiernamaals.

Leeftijdadequaat

We hebben het over hoe we in elkaar zitten, waarom we doen wat we doen, of juist niet en wat maakt dat je iets wel of niet doet. Ik ben tien jaar jonger, hoewel dat echt niet zo voelt (leeftijd is niet belangrijk tenzij je een kaas bent), en soms vraag ik me af of bepaalde worstelingen of twijfels niet gewoon bij een bepaalde leeftijdsfase horen.
Zoals Anja een paar jaar geleden, zo rond mijn veertigste heel overtuigd riep: Wat jij doet is gewoon helemaal leeftijdadequaat! Ik was op dat moment met vierentachtig dingen tegelijk bezig en had een niet oprakende bron van energie.

Maar vandaag twijfel ik aan het fenomeen 'leeftijdadequaat'. Ik hoor Anja namelijk ongeveer dezelfde kronkels maken als ik doe. Ik luister en zonder er verder al te veel bij na te denken zeg ik op een gegeven moment: 'Dat is gewoon zelfkastijding, automutilatie van je ziel!'

Automutilatie

We lachen er samen om. Dat relativeert in ieder geval. Dan vliegen we alweer naar een volgend onderwerp. Als ik Anja een paar uur later thuis afzet en zelf doorrijd naar huis denk ik er nog even over na.

Automutilatie is voor mij een oude bekende. Ik heb mijn lijf heel wat geweld aangedaan. Soms wordt automutilatie afgedaan als aandacht vragen. Ook dat zal best voorkomen, maar in mijn geval was het allerminst een roep om aandacht. Ik verstopte zorgvuldig verwondingen onder lange mouwen of lange broeken.

Terugkijkend op die tijd denk ik dat mijn innerlijke pijn zo groot, zo niet te verdragen was, dat ik iets anders moest voelen om mezelf af te leiden. Daarbij had ik mijn lichaam niet echt hoog staan en vond ik het niet erg als daar wat aan zou mankeren. Mijn lichaam had me zo vaak in de steek gelaten.

Dus, concluderend, beschadigde ik mezelf, deed ik mezelf pijn, om een andere pijn daarmee niet te hoeven voelen.

Jezelf geweld aan doen

Gelukkig ben ik al jaren krasvrij, zoals ik het zelf wel eens noem. Tenminste, lichamelijk. Door mijn pijn onder ogen te zien, herinneringen te verwerken, door een proces van vergeving te gaan en door de onvoorwaardelijke liefde van God en een aantal bijzondere mensen, waaronder Anja, had ik het op een gegeven moment niet meer nodig om lijfelijke pijn te voelen. Deels was dat een keus die ik maakte, een besluit dat ik nam, en deels (misschien wel het grootste deel) kwam het doordat de innerlijke pijn afnam en te dragen werd.


Goed, geen automutilatie meer op mijn lijf. Maar hoe zit dat met mijn ziel? Even terugdenkend aan de afgelopen jaren en aan mijn blogs van de laatste tijd, moet ik tot mijn schaamte bekennen dat ik mezelf, mijn ziel, met regelmaat geweld aandoe. Wat ik daarmee bedoel? Dat ik mezelf voorbij loop omdat ik de ander niet wil teleurstellen. Dat ik ontrouw ben aan mezelf omdat ik bang ben wat een ander van mij zal vinden als ik echt zeg wat ik ervan denk. Dat ik blij doe terwijl ik me boos of gefrustreerd voel.

Wat ik eigenlijk doe is: Ik kies voor iets dat niet goed voor me is (of dat zelfs pijn doet) omdat ik bang ben voor wat er gebeurt als ik echt mezelf ben. Misschien raak ik iedereen wel kwijt, vindt men mij raar, word ik afgedankt als therapeut of gezinshuisouder of hoor ik er niet meer bij (bij de kerk, bij mijn studiegenoten, bij de moeders op het schoolplein of in de buurt).

Automutilatie van de ziel... en nee, dat is niet leeftijdadequaat... dat moet stoppen!

Houd van jezelf

De laatste dagen heb ik diverse keren gedacht aan de uitspraak: 'Heb je naaste lief als jezelf'.  Ik heb in mijn online Bijbel gezocht en kwam verrassend genoeg acht keer deze uitspraak tegen! Het is dus geen loze opmerking die we naast ons neer kunnen leggen.
  • Wees niet haatdragend. Als je iemand iets te verwijten hebt, roep hem dan ter verantwoording en laad niet omwille van een ander schuld op je door je te wreken of wrok te blijven koesteren. Heb je naaste lief als jezelf. (Leviticus 19:17-18)
  • Jezus antwoordde: ‘Waarom vraag je me naar het goede? Er is er maar één die goed is. Als je het leven wilt binnengaan, houd je dan aan zijn geboden.’ ‘Welke?’ vroeg hij. ‘Deze,’ antwoordde Jezus, ‘pleeg geen moord, pleeg geen overspel, steel niet, leg geen vals getuigenis af, toon eerbied voor uw vader en moeder, en ook: heb uw naaste lief als uzelf.’ (Matteüs 19:17-19)
  • ‘Meester, wat is het grootste gebod in de wet?’ Jezus antwoordde: ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief als uzelf(Matteüs 22:36-38 en dezelfde woorden staan in Marcus 12:30-31 en in Lucas 10:26-27)
  •  Wees elkaar niets schuldig, behalve liefde, want wie de ander liefheeft, heeft de gehele wet vervuld. Want: ‘Pleeg geen overspel, pleeg geen moord, steel niet, zet uw zinnen niet op wat van een ander is’ – deze en alle andere geboden worden samengevat in deze ene uitspraak: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’ (Romeinen 13:8-9)
  • Broeders en zusters, u bent geroepen om vrij te zijn. Misbruik die vrijheid niet om uw eigen verlangens te bevredigen, maar dien elkaar in liefde, want de hele wet is vervuld in één uitspraak: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’ (Galaten 5:13-14)
  • Wanneer u echter het koninklijke gebod volbrengt dat de Schrift geeft: ‘Heb uw naaste lief als uzelf,’ dan handelt u juist. (Jacobus 2:8)
Ergens is er scheefgroei ontstaan. Ergens, misschien wel onder invloed van het calvinisme, is de nadruk komen te liggen op: Heb je naaste lief, acht de ander uitnemender dan jezelf, ga de onderste weg, wees de minste en dat soort uitspraken die uit dezelfde Bijbel komen.

Een tijdje terug las ik een opmerking die me aan het denken zette: 'Als we het eens zouden omdraaien, wat zou er dan gebeuren? Als we eens net zo met anderen omgaan als dat we met onszelf omgaan?' Tja, dan zou het er voor de mensen in mijn directe omgeving behoorlijk slecht uit komen te zien op sommige dagen.

Het ei

God roept ons op om net zoveel van onszelf te houden als dat we van de ander houden. Niet meer en niet minder. Het mag in balans zijn. Dat doet mij denken aan het 'ei van autonomie en verbondenheid' dat ik in bijna alle gesprekken in mijn praktijk gebruik.

Ieder mens heeft twee fundamentele behoeften:
Autonomie (de behoefte je te ontwikkelen, zelf keuzes te maken, je eigen weg te bewandelen) en verbondenheid (in relatie leven met anderen, van betekenis zijn, geliefd zijn).

'Heb je naaste lief als jezelf' is verbondenheid en autonomie in balans.

Echter, de praktijk is dat er bij bijna iedereen scheefgroei ontstaat. En scheefgroei brengt onbalans met zich mee. Er zijn grofweg twee types scheefgroei:

1. De behoefte aan verbondenheid is heel groot geworden. Deze mensen zijn vooral bezig met: Hoe kan ik zo leven dat de ander het naar zijn zin heeft? Bij keuzes die ze maken kijken ze naar wat voor de ander goed is en zichzelf cijferen ze vaak weg. Vaak hebben hulpverleners zo'n 'ei'. Ik heb zelf ook zo'n ei. En ik denk dat jij wel mensen kunt bedenken die overduidelijk zo'n ei hebben.
2. De behoefte aan autonomie is duidelijk groter dan de behoefte aan verbondenheid. Dit zijn mensen die doorgaans goed weten wat ze willen, niet twijfelen, hun mening helder hebben, doelgericht zijn en keuzes maken waar ze zelf voor de volle 100% achter staan.

Balans

Voor beide eieren is wat te zeggen, ze hebben allebei voordelen, maar in beide gevallen kun je zeggen dat de balans verstoord is. Bij de één is het: 'Heb je naaste meer lief dan jezelf' en bij de ander is het: 'Heb jezelf meer lief dan je naaste'.

Zo'n verstoorde balans ontstaat al in het gezin van herkomst en eerlijk is eerlijk, helemaal in balans zul je wellicht nooit komen. Maar het is wel mogelijk om iets meer in balans te komen. Hoe je dat doet? Dat is voor beide eieren verschillend.

In het geval van het eerste ei (dus meer verbondenheid dan autonomie) zul je jezelf vaker de vraag moeten stellen: Wat wil ik? Wat vind ik hiervan? Waar heb ik behoefte aan?
De vraag klinkt makkelijk maar is voor mensen met zo'n ei soms erg lastig. Misschien kunnen ze het nog wel bedenken, maar het dan ook uitspreken of doen... dat zou wel eens kunnen beteken dat je die ander teleurstelt! Dat klopt, dat gaat ook gebeuren, maar dat is niet rampzalig (ook al voelt dat in het begin misschien wel zo). Elke keer als je gehoor geeft aan jezelf, aan wat jij wilt of nodig hebt, vergroot je de autonomie een heel klein beetje.  En uiteindelijk voel je je een completer mens.

In het geval van het tweede ei (meer autonomie dan verbondenheid) zul je jezelf vaker de vraag moeten stellen: Hoe is het voor de ander? Wat vindt die ander ervan? Wat heeft het voor gevolgen voor de ander? Deze vraag is voor de verbonden eieren gemakkelijk te beantwoorden, maar voor de autonome eieren kost dat inspanning en moeite. En misschien geeft het ook wel wat weerstand, want soms zul je dus iets van  jouw plan moeten inleveren om die ander meer tot zijn recht te laten komen. En toch levert het ook iets op: meer verbondenheid, intensere relaties.

Herstel

Ik noemde net al dat mijn behoefte aan zelfbeschadiging stopte toen mijn innerlijke pijn er mocht zijn en herstelde. Als ik kijk naar de uit balans geraakte eieren hierboven is er in beide gevallen sprake van zelfbeschadiging. De ene beschadigt zichzelf en raakt zichzelf steeds meer kwijt. De ander beschadigt zichzelf doordat hij steeds meer in een isolement komt.

Er is herstel nodig. En gelukkig kan dat. Wat mij betreft begint het herstel bij bewustwording. Dus jezelf vaker de vragen stellen die ik hierboven opschreef. Kijk ook eens terug naar je gezin van herkomst. Hoe was het thuis? Wat voor eieren herken je bij je ouders? Wat was de cultuur waarin je groot werd? Wat was er belangrijk?

Je bent nu volwassen en je kunt veranderen. Door keuzes te maken, door risico's te nemen en... dat zeg ik tegen hen die net als ik geloven in God... door te vragen of je steeds meer mag gaan lijken op je Schepper. Dat je eigenwaarde niet langer afhangt van de waardering van anderen, maar dat je mag weten dat je geliefd bent, dat je er mag zijn, in relatie met God, jezelf én anderen. In balans.

Verwacht niet dat het in één keer goed gaat. Stoppen met automutilatie is een proces. Soms is er een terugval, soms gaat het tijden goed. Maar geen probleem, je kunt het altijd weer opnieuw proberen.

Ik wens je succes met oefenen en ben benieuwd in welk ei jij jezelf herkent...